Instrumenten en zang

Individueel groepsgerichte lessen
De instrument- of zangles duurt één uur per week, in groepjes van twee tot vier leerlingen. Aan het begin van het schooljaar leg je in overleg met je leraar het lesuur vast. Deze tracht hierbij leerlingen van eenzelfde niveau samen te plaatsen. De instrumentlessen zijn immers individueel groepsgerichte lessen: elke leerling komt individueel aan bod, maar ook de andere aanwezige leerlingen worden op die les betrokken. Zo kan iedereen leren van elkaar, maar toch op eigen tempo de gewenste vaardigheden verwerven. Je flexibel opstellen bij het kiezen van je lesuur is dus in je eigen voordeel omdat je meer zal leren in een welgekozen groep.

Inhoud instrumentlessen
De lessen instrument of zang bestaan uit een combinatie van oefeningen en repertoire. Hierbij gaat er aandacht naar een mengeling van techniek, gehoortraining en ontwikkeling van de muzikale persoonlijkheid. Naarmate de techniek verbetert zal er ook ruimte vrij komen om stilistisch te gaan verfijnen. Het is nodig om ook buiten de lessen regelmatig te oefenen. Een instrument leren bespelen vraagt geduld, discipline en doorzetting.

Tijdens de lagere graad verken je stap voor stap je instrument, en leer je de belangrijkste basistechnieken. Je leert een interessant repertoire, volledig aangepast aan je persoonlijke mogelijkheden. De meeste leerlingen kunnen al na een paar maanden enkele eenvoudige stukjes spelen.

In de middelbare graad krijg je de kans om de basistechniek verder uit te breiden en te verfijnen. Muzikaal en interpretatief verwachten we nu meer initiatief. Dankzij de uitgebreide techniek, kom je met een veel breder repertoire in aanraking, en vergroten de keuzemogelijkheden.

In de hogere graad bereiden we je voor om zelfstandig te kunnen musiceren, zodat je ook na de opleiding nog nieuwe stukken kan instuderen en blijven muziek maken. Er gaat veel aandacht naar je muzikale ontplooiing en de opbouw van een persoonlijk repertoire, maar ook de techniek wordt nog verder uitgediept en afgewerkt. Een caleidoscoop van mogelijkheden gaat voor je open… Leerlingen die verder muziek willen studeren aan een hogeschool, krijgen hiermee een ideale vooropleiding.

Naast de instrumentles
De instrumentles beperkt zich niet alleen tot de studie van je instrument. Jaarlijks richt je leraar minstens één klasconcert in, zodat je leert op een podium te staan. Familie en vrienden zijn dan welkom om te komen luisteren naar je vorderingen.  Gevorderde leerlingen kunnen nog meer podiumervaring opdoen in workshops, open lessen, projecten binnen en buiten de schoolmuren, deelname wedstrijden, enz. Daarnaast ga je via initiatieven van je leraar en de school de muziekwereld beter leren kennen (concertbezoek, schoolprojecten, opendeurdagen,…).

Instrument kopen of huren?
Een leerling moet over een instrument beschikken om op te studeren. Heel wat instrumenten kan je gedurende de eerste vier jaar huren van de school: accordeon, altviool, cello, contrabas, dwarsfluit, Engelse hoorn, fagot, gamba, hobo, hoorn, klarinet, luit, saxofoon, traverso, trombone, trompet, tuba, viool, xylofoon. Van een aantal instrumenten zijn er ook speciale kleinere modellen voor kinderen beschikbaar. Mondstukken voor klarinet, saxofoon of koperblaasinstrumenten worden om hygiënische redenen niet mee verhuurd, en moet de leerling zelf aangeschaffen. Voor de huur- en waarborgregeling, zie documenten.

Bij aankoop of huur van een instrument vraag je best advies aan de leraar. Naast het instrument zelf, moeten er voor sommige instrumenten onderdelen regelmatig vervangen worden, op kosten van de leerling (snaren, rieten, drumstokken, …) De leerling zorgt ook zelf voor boeken en partituren. Een groot aantal werken kan tevens uitgeleend worden in onze bibliotheek.

© Copyright 2016 • SLAC/Conservatorium Website ontworpen en ontwikkeld door MINSKY